Regenwater afvoeren in de grond: zo werkt het en wat past bij jouw situatie

Regenwater afvoeren in de grond doe je door het water via infiltratie terug te laten zakken in de bodem, zonder gebruik te maken van het riool. Dat kan met drainagebuizen, infiltratiekratten of een wadi. Welke methode het beste werkt, hangt af van je bodemtype, de hoeveelheid water die je wilt verwerken en de ruimte die je hebt.

Gemeenten stimuleren dit steeds meer, omdat riolen bij hevige regenval overbelast raken. Door regenwater zelf in de grond te laten zakken, verklein je wateroverlast en vul je het grondwater aan. In sommige gemeenten is infiltratie bij nieuwbouw zelfs verplicht.

Hoe werkt regenwater afvoeren in de grond?

Bij infiltratie leid je regenwater af van dakgoten, opritten of verharding naar een plek waar het langzaam in de bodem zakt. De bodem filtert het water terwijl het zakt, wat goed is voor de grondwaterstand. Hoe snel dat gaat, hangt sterk af van de grondsoort. Zandgrond laat water veel sneller door dan klei of veen. Op kleigrond werkt infiltratie soms nauwelijks, en is een andere aanpak nodig.

De drie meestgebruikte methoden zijn drainagebuizen, infiltratiekratten en een wadi. Ze vullen elkaar aan en worden soms gecombineerd. Hieronder zie je de verschillen op een rij.

Methode Hoe het werkt Geschikt voor
Drainagebuizen Geperforeerde buizen in de grond leiden water weg en laten het langzaam weglekken Tuinen met te natte plekken, grote oppervlakken
Infiltratiekratten Holle kunststof blokken onder de grond slaan water tijdelijk op en geven het geleidelijk af Kleine tuinen, opritten, beperkte ruimte
Wadi Een ondiepe groenstrook of greppel vangt water op en laat het infiltreren Grotere percelen, openbaar gebied

Drainagebuizen: geschikt voor natte tuinen

Drainagebuizen zijn geperforeerde buizen die je op ongeveer 40 tot 80 centimeter diepte in de grond legt, omgeven door grind of filterdoek. Ze verzamelen overtollig grondwater én regenwater dat in de bodem zakt, en voeren dat af naar een lager gelegen punt of een infiltratieplek. Dit is een bewezen methode voor tuinen die na regen lang nat blijven.

Let op: drainagebuizen voeren water af, maar zorgen er niet altijd voor dat het ook in de bodem infiltreert. Als je ze aansluit op het riool, verdwijnt het water alsnog via dat systeem. Wil je echt infiltreren, sluit ze dan aan op een infiltratiepunt zoals een grindbed of een infiltratiekrat.

Infiltratiekratten: compact en effectief

Infiltratiekratten zijn blokken van gerecycled kunststof die je op zo’n 40 tot 60 centimeter diepte ingraaft. Ze hebben veel open ruimte binnenin waardoor ze grote hoeveelheden water kunnen opvangen. Dat water zakt daarna langzaam weg in de omliggende grond. Ze worden omhuld met filterdoek om te voorkomen dat grond de kratten dichtslibbert.

Een groot voordeel is dat je ze kunt stapelen en aaneen schakelen, waardoor je de capaciteit aanpast aan de situatie. Voor een gemiddeld dak van 50 vierkante meter is een infiltratiesysteem van enkele honderden liters al een goed startpunt, maar de exacte maat hangt af van de neerslagintensiteit in jouw regio en de doorlaatbaarheid van je bodem. Raadpleeg bij twijfel een hovenier of infrabedrijf.

Een wadi: ruimte nodig, maar weinig onderhoud

Een wadi is een laag gelegen groenstrook of greppel die regenwater opvangt en het langzaam in de bodem laat zakken. Het water staat soms kort boven het maaiveld, maar verdwijnt binnen enkele uren als de bodem doorlatend genoeg is. Wadi’s zie je veel in nieuwe woonwijken langs straten en parken, maar ook op particuliere percelen met voldoende ruimte.

Een wadi heeft weinig onderhoud nodig als hij goed is aangelegd. Wel is het belangrijk dat de bodem op de infiltratiediepte doorlatend is. Zit er een slecht doorlatende laag in de grond, dan blijft het water te lang staan en werkt de wadi als een poel in plaats van als infiltratievoorziening.

Wanneer werkt infiltratie niet?

Niet elke bodem is geschikt. Op zware klei of veengrond zakt water nauwelijks weg. Je kunt dit zelf testen met een eenvoudige infiltratietest: graaf een gat van 30 bij 30 centimeter en 30 centimeter diep, vul het met water en kijk hoe snel het wegzakt. Verdwijnt het water niet binnen een dag, dan is de doorlaatbaarheid te slecht voor standaard infiltratie.

In dat geval heb je een paar alternatieven:

  • Water afvoeren naar een sloot of vijver op eigen terrein
  • Regenwater opvangen in een regenton of ondergrondse tank en hergebruiken voor de tuin
  • In overleg met de gemeente toch een beperkte aansluiting op het hemelwaterriool (gescheiden rioolstelsel)

Waar je op moet letten vóór je begint

Controleer eerst of je gemeente regels stelt aan de afvoer van regenwater. Bij nieuwbouw of verbouwing is infiltratie in sommige gemeenten verplicht of zit er een minimale capaciteitseis aan. Vraag dit na bij je gemeente of bekijk het bestemmingsplan.

Houd ook rekening met de afstand tot de fundering van je woning. Infiltreer water nooit direct naast de fundering, want dat kan voor verzakking of vochtproblemen zorgen. Een afstand van minstens 2 tot 3 meter wordt aangehouden als veilige richtlijn.

Regenwater in de grond afvoeren is in de meeste tuinen goed te realiseren, zolang je de bodemsoort kent en de juiste methode kiest. Begin met een infiltratietest, overleg eventueel met een vakman en kies een systeem dat past bij de oppervlakte van je verharding en de ruimte die je hebt.

Scroll naar boven